Ayurvedische voeding

Voeding moet ervoor zorgen dat ons lichaam van bouwstoffen en essentiële substanties zoals vitaminen, mineralen en sporenelementen wordt voorzien. Bovendien wordt door voeding de energiebehoefte gedekt.

Om ons lichaam optimaal te verzorgen is volgens ayurveda niet alleen de kwaliteit van de voeding belangrijk, maar ook het functioneren van ons spijsverteringssysteem. Vooral hiervan hangt af of het voedsel goed verteerd en opgenomen wordt. Daarom vindt u op deze bladzijde enkele ayurvedische tips voor goede voeding, die voor uw gezondheid zeker van pas komen.

Wanneer u iets wilt veranderen, kunt u dit het beste stap voor stap doen. Begin met een of twee zaken die zich eenvoudig in uw leven laten integreren. Pas wanneer ze aan de verwachtingen beantwoorden, kunt u verder gaan.

  1. Eet alleen dan, wanneer u echt trek hebt en eerst nadat de vorige maaltijd volledig is verteerd (3-5 uren na de hoofdmaaltijd).
  2. Eet niet te veel. De maag moet na het eten slechts voor 3/4 gevuld zijn.
  3. Eet in een rustige en ontspannen atmosfeer. Tijdens het eten kunt u beter niet lezen, werken, of televisie kijken. Eet altijd zittend.
  4. Blijf na de maaltijd 5 tot 10 minuten rustig zitten.
  5. Eet steeds op ongeveer dezelfde tijd.
  6. Eet niet te snel of te langzaam.
  7. Het middageten moet de hoofdmaaltijd zijn, ontbijt en het avondeten licht.
  8. Neem geen tussendoortjes, wanneer u geen trek hebt.
  9. Het eten moet vers gekookt, smakelijk, goed verteerbaar en warm zijn. Gebruik geen voedsel dat opgewarmd of niet meer vers is.
  10. Het grootste gedeelte van ons voedsel moet gekookt zijn, omdat het lichaam gekookt voedsel beter kan opnemen. Rauwkost (salade) dient als bijgerecht.
  11. Gebruik kruiden, want kruiden maken de maaltijd smakelijk en ondersteunen vaak ook de spijsvertering. Daarom adviseren wij Vata, Pitta of Kapha Churna.
  12. Tijdens de maaltijd kunt u kleine slokjes water, sap of lassi drinken. Warme dranken hebben de voorkeur. Gebruik geen ijskoude dranken.
  13. Melk kunt u bij een maaltijd beter achterwege laten. Ze laat zich wel goed combineren met toast, graanproducten en voedsel met een zoete smaak.
  14. Honing mag niet worden verhit en niet worden gebruikt bij koken of braden.
  15. Neem ’s avonds geen zwaar voedsel, zoals vlees, worst, vis, yoghurt, kaas, karnemelk, kwark, of iets anders met veel eiwit.
  16. Gebruik de voedingssupplementen, waaraan u behoefte hebt.